Instantie: Commissie gelijke behandeling, 22 december 1993

Instantie

Commissie gelijke behandeling

Samenvatting


Vakbond dient verzoek om een oordeel in over bedrijfstak-cao, met
regelingen die onderscheid maken tussen voltijdwerkers en deeltijdwerkers
op het punt van de overwerktoeslag, opleidingsfaciliteiten en
studietoelage. Uit overgelegd cijfermateriaal blijkt dat met name vrouwen
hierdoor getroffen worden. Werkgeversorganisatie beroept zich op grotere
belasting van voltijders en stelt zich op het standpunt dat de Commissie
de aangevoerde rechtvaardiging slechts marginaal mag toetsen. Commissie
acht aangevoerde rechtvaardiging te algemeen van aard, zonder dat is
aangetoond of aannemelijk gemaakt dat de extra belasting voor deeltijders
op die tijdstippen in zijn algemeenheid minder is dan voor voltijders.
Bovendien zal bij strikte toepassing van de cao zowel de uurvergoeding als
de toeslag voor overwerk lager kunnen zijn dan voor voltijdwerkers.

Volledige tekst


6. HET OORDEEL VAN DE COMMISSIE

De Commissie spreekt als haar oordeel uit dat de bepalingen ter zake van
de overwerktoeslag, de opleidingsfaciliteiten en studietoelage in de CAO
voor de Metaal- en Elektrotechnische Industrie, bij toetsing op het niveau
van het bereik van de cao, indirect onderscheid naar geslacht maken in
strijd met artikel 7A:1637ij Burgerlijk Wetboek.

Aldus vastgesteld op 22 december 1993 naar aanleiding van de behandeling
in raadkamer d.d. 14 oktober 1993.

Rechters

mw mr I. Kiebert, mw prof. mr J.E. Goldschmidt, mw mr C.B.Mol-Bronkhorst, mw mr G.L.M. Lenssen